Duurzaamheid en brandveiligheid horen hand in hand te gaan. Brandveilige gebouwen met een minimale kans op het ontstaan van brand en onbrandbare draag- en scheidingsconstructies zijn duurzaam of ‘resilient’ in geval van een brandcalamiteit. Echter, vanuit andere aspecten kunnen ook hele andere materialen duurzaam zijn.

In woningbouw winnen lichte uitwendige scheidingsconstructies aan populariteit vanwege de hoge isolatie-eisen en het gebruik van duurzame materialen. Denk bijvoorbeeld aan een buitengevelafwerking van houten delen. Daarvoor worden vaak houtsoorten gebruikt die wel kunnen voldoen aan brandklasse D, maar niet aan brandklasse B. Brandklasse B wordt bijvoorbeeld geëist in geval van brandoverslagberekeningen volgens NEN 6068 ‘Bepaling van de weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag tussen ruimten’ (Artikel 2.84, Bouwbesluit 2012), waarbij het overslagrisico wordt bepaald door de straling van hete gassen en uitslaande vlammen vanuit gevelopeningen.

Als voorwaarde stelt de norm dat de buitenzijde van de gevel moet voldoen aan brandklasse B. De reden hiervoor is dat brandvoortplanting via de buitengevel langs compartimentsscheidingen moet worden voorkomen. Daarnaast moet een gevelbrand, als gevolg van het aansteken van de houten buitenafwerking door uitslaande vlammen, worden voorkomen. Een gevelbrand veroorzaakt namelijk een aanvullende stralingsflux op het observatievlak, waardoor het overslagrisico wordt vergroot.

Lees en/of download het artikel Brandoverslagrisico bij houten buiten- gevelafwerkingen geschreven door Ruud van Herpen en Maaike van Bussel-van Amersfoort voor Bouwkwaliteit in de Praktijk, 03-2017

BkiP.03.17.Brandoverslag_1-2